Nieuws
In Memoriam eindredacteur W.K. Hoekzema 1925 – 2008
Op donderdag 13 november 2008 overleed in zijn huis in Amsterdam de heer W.K. Hoekzema, eindredacteur van de Internationale Spectator van 1972 tot 1981. Willem Hoekzema heeft grote verdiensten voor de modernisering van de redactievoering van het blad, waarop hij als eerste fulltime professionele eindredacteur een blijvend stempel heeft gedrukt.
Hoekzema, zoals hij zich later vaak kortweg liet noemen, werd geboren op 25 juli 1925 in Zuidhorn in het Westerkwartier van de provincie Groningen in een milieu van boeren en middenstanders. Zijn moeder was afkomstig uit het Duitse Oost-Friesland. Wellicht dat hij in zijn vroege jeugd al de ruime, over de grenzen heen reikende blik heeft ontwikkeld, die hem later zo kenmerkte. Op zeer jonge leeftijd stierven beide ouders. Zijn broer werd vervolgens door de Duitse grootouders opgevoed, zelf bleef hij achter bij zijn vaders ouders in Noordhorn, in een onvervalst socialistisch en humanistisch nest. Na de middelbare school werd Hoekzema volontair bij de gemeente Zuidhorn. Zijn grootvader overleed en Hoekzema verwierf een baan op de gemeentesecretarie van de Zuid-Hollandse kustplaats Katwijk. Daar bleef hij zijn grootmoeder verzorgen. Na haar overlijden begon Hoekzema, deels als werkstudent, een studie geschiedenis aan de Rijksuniversiteit Leiden, onder meer bij de hoogleraren Th. J. G. Locher en A.J.C. Rüter. In een tijd zonder strikte studieschema’s gelukte het de perfectionist Hoekzema niet om zijn doctoraal te halen. Hij kwam terecht bij het uitgeversbedrijf van Keesing in Amsterdam, waar hij grondig kennismaakte met de geuren van lood en inkt en het geratel der typmachines. Hoekzema werkte aanvankelijk vooral als redacteur en schrijver voor het gezaghebbende Keesing’s Historisch Archief, spiegel van het wereldgebeuren. Later trad hij op als eindredacteur van de Reflector, een geïllustreerd degelijk maandblad voor de hoogste klassen van middelbare scholen over achtergronden van actuele nationale en internationale politieke ontwikkelingen. In dit blad schreven eminente politicologen en historici.
In die tijd leerde Hoekzema voor zover dat nog nodig was, de kneepjes van het redacteursambacht: verstaanbaar schrijven, streng redigeren, deadlines in acht nemen, een auteursnetwerk opbouwen en onderhouden. Hij was dan ook de ideale kandidaat die de nieuwe directeur van het Nederlands Genootschap voor Internationale Zaken (NGIZ) J.L. Heldring in 1972 aantrok om het toen nog tweewekelijks verschijnende blad Internationale Spectator te helpen professionaliseren. De van NRC Handelsblad afkomstige courantier Heldring wilde van het in boekjesvorm uitgegeven periodiek een vlotter, actueler en meer beleidsrelevant tijdschrift maken. Het blad genoot weliswaar gezag, maar was toch te veel een mengeling van rijp en groen, afhankelijk van het aanbod van kopij en met hoogstens op spel- en taalfouten nagekeken stukken.
Dat Heldring in de moderniseringsmissie slaagde, is in belangrijke mate aan het vakmanschap, de inzet en de betrokkenheid van Hoekzema te danken, die de facto als plaatsvervangend hoofdredacteur optrad. Sinds 1972 berust de inhoud van het blad bijvoorbeeld voor meer dan de helft op initiatieven van de redactie, in Hoekzema’s tijd zelfs voor driekwart. Een later niet voortgezette innovatie was ook de co-publicatie van artikelen met Europa Archiv, het blad (thans Internationale Politik geheten) van de Deutsche Gesellschaft für Auswärtige Politik, en The World Today van het Britse Royal Institute of International Affairs (Chatham House). Hoekzema vertaalde artikelen over landen en thema’s waarvoor in Nederland geen geschikte auteurs konden worden gevonden, uit het Duits of Engels. Al snel kwam ook een vruchtbare samenwerking tot stand met het in die tijd nog maar sinds kort aan de overkant van de Alexanderstraat gevestigde Nederlands Instituut voor Vredesvraagstukken (NIVV), in 1983 de grootste fusiepartner in het kader van Clingendael. Advertenties werden uitgewisseld en onderzoekers van wat sommigen als concurrent zagen, schreven veelvuldig voor het blad.
Hoekzema’s nauwgezetheid was legendarisch. Bij de minste of geringste twijfel controleerde hij – het was een tijd zonder internet – feiten, citaten en bibliografische gegevens met behulp van bronnen uit de bibliotheek van het Genootschap of de Koninklijke Bibliotheek. In zijn contacten met auteurs vervulde hij met groot geduld de rol van klankbodem. Bij deze auteursbegeleiding was hij ook de assertieve diplomaat, die met rugdekking van de hoofdredacteur beschaafd maar duidelijk auteurs op hun feilen kon wijzen en in het uiterste geval de deur van het blad.
Als ruimdenkend mens sprak Hoekzema nooit kwaad van anderen. Velen kenschetsen hem als een zachtmoedige persoon. Wel zat hij boordevol kennis en anekdotes over de ietwat archaïsche sfeer van het Genootschap vóór en in zijn tijd, de moeizame relatie met het zusterinstituut in Brussel, geweigerde artikelen van de hand van oud-ministers, dreigende publicatie van geplagieerde bijdragen en de meest diverse Haagse zaken. Jammer genoeg heeft noch hij zelf, met zijn geamuseerde kijk als Spectator, noch iemand anders ooit zijn verhalen op schrift gesteld.
Al in 1981 trok de uiterst sober levende Hoekzema zich terug als eindredacteur. Hij wilde zich geheel wijden aan zijn liefhebberijen kunst & musea, trektochten door de natuur, lange-afstandswandelen en reizen door Italië, dit alles zo mogelijk gecombineerd. Bovendien zag hij op tegen de aanstaande fusie in Clingendael-verband, wat het afscheid zou betekenen van de knusse kleinschaligheid en stadse omgeving van de Alexanderstraat. Na 1981 verrichtte Hoekzema nog incidenteel betaalde werkzaamheden, onder meer voor zijn oude werkgever Keesing, als onderzoeksmedewerker in 1982-1984 van de Europarlementariër mr J.A. Mommersteeg, die jarenlang zijn hoofdredacteur bij de Reflector was geweest, en in 1988, toen in Clingendael-tijd, een aantal maanden als interim-eindredacteur bij zijn oude Spectator.
In de persoon van Willem Hoekzema is een inspirerende grondlegger van het maandblad van het Nederlands Genootschap voor Internationale Zaken, later Instituut Clingendael en bovenal een aimabel mens aan ons ontvallen.
Gerard J. Telkamp
(met dank aan o.a. mw Groeneveldt, de familie Hoekzema, dr S. Rozemond, Chris Smeenk)
W.K. Hoekzema (r.) in gesprek met J.L. Heldring bij het 50-jarig jubileum van de Internationale Spectator in 1996
